KINDERBOEKENHUIS

In 1859 stond op de plek van het Kinderboekenhuis een lagere school, toen las men al uit kinderboeken voor. Het waren heel andere boekjes dan kinderen nu lezen. In die tijd las men hier bijvoorbeeld voor uit het boekje: “Brave Hendrik”. Op een van de eerste bladzijden staat: ”Vele menschen noemen hem de brave Hendrik, omdat hij zoo gehoorzaam is, en omdat hij zich zoo vriendelijk jegens ieder gedraagt”.
Op 25 mei 1883 werd de Openbare School aan het dorpsplein geopend en verdween hier de kleuterschool. Er kwam hier een aula totdat in 2016 het Kinderboekenhuis hier in trok. De buitenkant werd opgevrolijkt met een gedicht uit het oudst bekende Nederlandse jeugdboek.
Of het een museum of boekenhuis is laat ik in het midden, maar met kinderboeken uit alle tijden heeft het huis een zekere museale bewaarfunctie.

Stichting Kinderboek-Cultuurbezit opende op 11 november 1986 haar deuren op de bovenverdieping van het oude gemeentehuis. Neerlandicus en leraar Jacob Spros was in die tijd burgemeester van Winsum. Tussen hem en initiatief neemster Toos Zaal klikte het goed. Toos schreef op dat moment een boek over jeugdliteratuur (nog te koop in het Kinderboekenhuis). Door vele schenkingen van kinderboeken was er al snel ruimtegebrek, een immer terugkerend probleem. In 2016 verhuisde men naar de ruimere locatie, waar ooit Brave Hendrik werd voorgelezen. 

De vrijwilligsters Marga Visser en Kleny de Jonge-Bimolt van het Kinderboekenhuis geven helder aan wat een kinderboek is: “Boeken waarin de jeugd een hoofdrol speelt. Kinderboeken gaan mee met je ontwikkeling tot volwassene. Je begint als peuter met plaatjes, daarna komen de letters en vervolgens ga je lezen”.
In kinderboeken zat en zit een opvoedingselement. In tijden dat de kerk in vele levens centraal stond was dat christelijke literatuur van Kievit of van der Hulst. Ook de in het museum aanwezige zondagsschoolboekjes en de dubbeltjesboekjes puilen uit van stichtelijke waarden.
Het kinderboekenhuis leent zich goed voor literatuuronderzoek. Zo hebben de studenten Cleo Vermuyen en Nienke Schuiling uitgebreid onderzoek gedaan naar de representatie van Zwarte Piet in de kinderliteratuur. Conclusie van de onderzoekers: “Zwarte Piet is qua uiterlijk en gedrag een spiegel van de tijdgeest”.

Rondsnuffelen in het goed georganiseerde museum is een genot. Hier zie je kinderboeken uit ieders jeugd. Het ontroert als je Winnetou, Arendsoog of de Gouden Reeks doorbladert. Ook Marga en Kleny zien regelmatig dat bezoekers aan het museum een traan wegpinken als er jeugdboek uit vervlogen tijden voorbij komt.
Zo kwam er ooit een Amerikaanse met haar 6 jaar oude dochter. Toen ze haar kinderboek zag gingen ze samen op de grond zitten. Het hele boekje werd vervolgens voorgelezen.

Het lukt een bezoeker nooit om de ruim 30.000 boeken met jeugdliteratuur door te nemen. Daarom nog een paar opvallende zaken zoals twee jeugdboeken over Winsum: de Vogelvanger en Tammo de Tiggeljongen.
Er is veel oorlogsliteratuur zoals die van K. Norel over Engelandvaarders. Van bijzondere kwaliteit getuigt het boekje van Margje Toonder, de zus van Marten Toonder (schrijver/tekenaar van Tom Poes). Margje tekende in de oorlog wat zij van de bezetters vond, kinderliteratuur met humor en boosheid. Schokkend daarentegen is het boekje van Tommy, die in de oorlog op driejarige leeftijd met zijn ouders naar Theresienstad moest. Vader tekende in dit concentratiekamp prachtige kindertekeningen, maar werd samen met de moeder van Tommy vermoord. Nadat Tommie tekeningen op 18-jarige leeftijd kreeg maakte Mies Bouwhuis er een verhaal bij.
De oudste en meest waardevolle boekjes staan veilig in een vitrine achter slot en grendel. Zo ook een oude versie van het eerste in Nederland geschreven kinderboek van Hieronymus van Alphen, met het gedicht “Jantje zag eens pruimen hangen”.

Het Kinderboekenhuis krijgt veel schenkingen, elk boek wordt bekeken en gewaardeerd. Veel is er al,  maar de vrijwilligers zoeken vooral naar bijzondere kinderboeken, dus wordt niet alles bewaard. In een hoek van het kinderboekenhuis is een winkeltje ingericht, daar kun je boeken die ook al in de collectie zitten.

Lezen is grenzen verleggen, daarom gaat de waarde van dit Winsumer museum verder dan onze gemeente of provincie.