SARRIESHUT OP DE MOLENBERG

Het hoogste punt van Winsum is de Molenberg. Het is het echte centrum van het dorp. Voordien was dit de locatie van het Dominicanerklooster. Na de reductie van Groningen (1594) werd dit klooster met de grond gelijk gemaakt. Het is zeker dat hier vóór 1628 al een standerdmolen stond. Bekend is dat die molen in 1628 door een storm werd verwoest. In de huidige molen, De Ster, zitten nog restanten van die oude standerdmolen. Het spoorwiel (ook takrad genoemd) is gemaakt van hout uit die standerdmolen. Naast de molen kwam in 1628 ook een zogenaamde sarrieshut. Die bouwde men op de plek die nu als Molenstraat 7 bekend staat. Het huidige woonhuis werd meerdere malen verbouwd, waarbij mogelijk nog oude materialen uit de sarrieshut zijn gebruikt. In de plaatsen Leermens en Uithuizen zijn nog wel karakteristieke sarrieshutten te vinden.

Een sarrieshut was de woning van een ambtenaar, aangesteld door de Staten van de provincie Groningen. Officieel werd deze woning omschreven als cherchershuis of cherchershut en de ambtenaar had de titel van chercher. Het woord chercher is afgeleid van het Oudfranse woord sarchier, dat belasten betekent. In het Gronings werd de naam al snel verbasterd tot sarries en de cherchershut tot sarrieshut.

De sarries werd belast met controle op belasting, die over het gemalen koren werd geheven. Het beroep van sarries maakte je niet populair. Er waren speciale, zeer strenge regels nodig om hem te beschermen. Dreigen of mishandelen van een sarries kon tot gevolg hebben dat de dader werd verbannen of gegeseld, in het gunstigste geval kreeg zo iemand een hoge boete. Niet voor niets stond op de gevelsteen van een sarrieshut SAVVEGVARDE, hetgeen ‘veilig onderkomen’ betekent.


In 1851 laat Pieter Gerrits Wildeveld de huidige molen bouwen. Hoewel er in deze tijd al stoommalerijen waren zag hij toch een toekomst voor windkracht.
De Ster was een koren- en pelmolen, zelfs mosterdzaad werd er fijngemalen. De molensteen, ingemetseld bij het parkeerterreintje in de Praediniusstraat, is zo’n oude mosterd-molensteen.

Een bijzonderheid is dat in de oorlog en nog enige tijd erna de molen elektriciteit opwekte. Hiermee werd een machine aangedreven die onder in de molen stond.  


In 1961 werd de in deplorabele staat verkerende molen door de gemeente aangekocht voor 5000 gulden. De restauratiekosten vielen twee keer zo hoog uit als begroot.
Ook de graanschuur naast de molen verkeerde lange tijd in zeer slechte staat. De eigenaar van destijds, slager Hartlief, wist de gemeente er uiteindelijk van te overtuigen dat het om een bijzonder pand ging. Er zijn daarna gelden vrij gemaakt om dit karakteristieke plekje te bewaren.   De naam van De Ster verwijst naar de ster die in het oude gemeentewapen van Winsum zit en nog te zien is in de sluitsteen boven de ingang van de molen. Tot de herindeling van 1990 was dit het wapen van Winsum. Zie deze sluitsteen als teken van dank aan het toenmalige gemeentebestuur, die deze kenmerkende molen voor het dorp wist te behouden.

Bron
De belasting op het gemaal in Stad en Ommeland 1594-1856